Erik Zabel

  

Voornaam:   Erik
Achternaam:   Zabel
Nationaliteit:  Duitsland
Geslacht:  
Leeftijd:   48 jaar
Geboortedatum:   07-07-1970
Geboorteplaats:  Berlin (Berlin), Duitsland

slider image slider image slider image

Voornaam:   Erik
Achternaam:   Zabel
Nationaliteit:  Duitsland
Geslacht:  
Leeftijd:   48 jaar
Geboortedatum:   07-07-1970
Geboorteplaats:  Berlin (Berlin), Duitsland

 

 Bevoegdheden

Professional 1992-2008

is een zoon van Detlef Zabel
is de vader van Rick Zabel

Senor San Remo: Vier overwinningen in Milaan-San Remo.

Ete: Herkomst Onbekend.


Duitse Democratische Republiek vanaf 07-07-1970 tot 03-10-1990


Uitslagen

Alle wedstrijden
Toon:

Ploegen


de Wielersite ranking

Plaats: 177
Punten: 1276.97

Etappes

22%
  Details:

Berichten

(37)

03-05-2005
22-11-2004
07-10-2004

Memo(s)

Erik Zabel reed ruim zestien jaar bij de profs en won 213 wedstrijden, veelal in massaspurten. Hij won zes keer de groene trui in de Ronde van Frankrijk en werd verscheidene keren winnaar van Milaan-San Remo en won
ook onder meer de Amstel Gold Race en Parijs-Tours. Bovendien was hij jarenlang de nummer één van de UCI-ranking.

Erik Zabel wordt geboren op 7 juli 1970 in Berlijn en woont nu in Unna. De eerste keer dat de naam Zabel opduikt, is bij de junioren. Als
toenmalig Oost-Duitser wordt hij vijfde op de wereldkampioenschappen
puntenkoers. Bij de amateurs wordt hij kampioen van de criteriums in de
DDR. Tijdens de Olympische Spelen van Barcelona 1992, valt hij net naast
het podium en wordt vierde. De Olympische wegrit wordt gewonnen door de
betreurde Italiaanse renner Fabio Casartelli. In het najaar van dat jaar
tekent hij een stagecontract bij Telekom, een ploeg waar hij tot 2005 voor
zal uitkomen.

In 1993 rijdt hij zijn eerste volledige profjaar. Het begint al meteen
goed met een 10de plaats in de Sicilliaanse Wielerweek. Zijn eerste
profzege boekt hij in Tirreno-Adriatico, waar hij de openingsetappe wint.
Hij wordt al meteen zevende in de eindstand en geeft daarmee al zijn
visitekaartje af bij de profs. In zijn eerste Milaan-San Remo wordt hij
94ste. In de Ronde van Vlaanderen wordt hij 59ste maar later op de maand
mag hij weer een bloementuil afhalen, want in Zwitserland wint hij Ronde
van Bern. Via een 13de plaats in de Ronde van Luxemburg gaat het richting
nationale kampioenschappen. In die periode rijden Duitse en Zwitserse
renners samen het nationale kampioenschap en in die titelrace wordt hij
16de. In de zomer, terwijl zijn collega's drie weken hard zwoegen in de
Ronde van Frankrijk, wint hij twee keer op Duitse bodem : een wedstrijd in
Böblingen en eentje in Heilbronn. In augustus rijdt hij alle klassiekers
en daarin wordt hij 73ste in de Classica San Sebastian, 42ste in de Leeds
Classic en 93ste in het Kampioenschap van Zürich. Ook de
najaarsklassiekers rijdt hij met een 49ste plaats in Parijs-Tours en een
60ste plaats in de Ronde van Lombardije tot gevolg. Balans van zijn eerste
profjaar : meteen vier overwinningen.

Het seizoen 1994 begint hij meteen met een profzege in de Franse
klassieker Classique Haribo. De Omloop Het Volk, de Belgische
openingsklassieker eindigt met een massaspurt aan de Watersportbaan in
Gent. Wilfried Nelissen wint de koers, nadat de Oezbeek Djamolidine
Abdusjaparov gedeklasseerd wordt wegens onregelmatig spurten. Zabel wordt
zevende. In Tirreno-Adriatico wordt hij 48ste maar in vergelijking met
twaalf maanden geleden komt hij goed voor de dag in Milaan-San Remo,
waarin hij 18de wordt. Ook de Ronde van Vlaanderen verloopt een stuk beter
want hij wordt er 22ste. Maar wel zal hij na een val van de Italiaan
Fidanza aan de voet van de Oude Kwaremont opgehouden worden en zal de
godganse dag achter de feiten moeten aan hollen. In de Ronde van Aragon is
hij heer en meester, want hij wint er drie etappes. Hij rijdt vooral de
vlakkere rittenkoersen, want in de Vierdaagse van Duinkerke wordt hij
27ste, in de Ronde van Nederland 23ste. Maar het najaar sluit hij
spectaculair af. In de Ronde van de Toekomst, ook wel eens de kleine Ronde
van Frankrijk voor jongeren genoemd, wint hij vier etappes. Maar zijn
allereerste klassieke zege boekt hij in Parijs-Tours. In een massaspurt
verslaat hij onder meer Gianluca Bortolami, Ziegbew Spruch, Mario
Cipollini, Adrie Van Der Poel, Laurent Jalabert en co. Meteen weten de
snelle mannen dat de voormalige Oost-Duitser een zeer geducht spurter is
en dat ze aan hem zeker een kwaaie klant gaan hebben. Zijn seizoen sluit
hij af met een 10de plaats in de Japan Cup.

Zich voorbereiden op het nieuwe wielerseizoen doet hij in het warme
Spaanse zuiden. In de Ruta Del Sol wordt hij alvast zevende. In
Tieeron-Adriatico wint hij de openingsetappe, meteen zijn eerstee van het
seizoen. Milaan San Remo verloopt iets minder voorspoedig, de Duitser
wordt daarin 69ste. Dwars door België eindigt niet op een massaspurt,
daarvoor is de Nederlander Jelle Nijdam iedereen te snel af door in de
finale eieren voor zijn geld te kiezen en het met een korte solovlucht te
doen. Hij houdt stand en wint. Luttele seconden later wint Tom Steels de
peolotonspurt voor de tweede plaats voor de Italiaan Adriamo Baffi en Erik
Zabel, die daarmee net naast het podium valt. In de Ronde van Vlaanderen
rijdt de Duitser weer anoniem in de achtergrond. Terwijl Museeuw en
Baldato een strijd uitvechten om de zege is de Duitser de hele dag op
achtervolgen aangewezen en wordt 69ste. Drie dagen later, in Gent-Wevelgem
gaat het een heel stuk beter. Maar ook hier mist Zabel de goede vlucht
met Michaelsen, Roosen en Fondriest. Toch wordt hij nog achtste. Ook in
Parijs-Roubaix rijdt hij in de achtergrond. Vooraan wint Ballerini de
Helleklassieker na een solo, Zabel zal als 44ste eindigen op de wielerbaan
van Roubaix. Na de Helleklassieker reist de Duitser af naar de Ronde van
Aragon, waar hij een etappe zal winnen.

De Scheldeprijs in Schoten is traditioneel een wedstrijd voor sprinters
maar in 1995 is dat zeker niet het geval. Al vroeg in de wedstrijd
ontsnappen de Italiaan Rosanno Brasi en de Belg Peter Roes. In de finale
laat Brasi Roes ter plaatse en stevent alleen af op de overwinning. Roes
kan nog uit de greep van het peloton blijven en Fidanza wint de spurt voor
de derde plaats. Zabel wordt negende. Het klassieke voorjaar sluit hij af
met de Rund um Den Henninger Turm in Frankfurt. Daarin wordt Zabel 53ste,
de overwinning is voor de Italiaan Francesco Frattini. Daags erna start de
Duitser in de Vierdaagse van Duinkerke en mag meteen de openingsetappe op
zijn naam schrijven. Hij zal nog een etappe winnen in deze zes dagen
durende Noord-Franse rittenkoers en derde worden in de einduitslag. In de
Ronde van Zwitserland wint hij twee etappes en in het Duits kampioenschap
wordt hij nog zevende.

Zabel mag voor het eerst naar de Ronde van Frankrijk. Daarin lost hij de
verwachtingen meer dan in. Zowel in de zesde rit van Duinkerke naar
Charleroi als in de 17de rit van Pau naar Bordeaux wint hij de etappe in
een massaspurt. In de eindstand van de Tour wordt hij 90ste. Daarna begint
hij een criteriumwals door Nederland, die hem in Boxmeer, Stiphout,
Heerlen, Steenwijk waar hij wint, Roosendaal en Pijnacker brengt. Zijn
laatste criterium rijdt hij in Dortmund. Blijkbaar heeft hij een
voorliefde voor Nederland, want in de Ronde van Nederland eindigt hij
23ste. Op de weg sluit hij zijn seizoen af met een 25ste plaats in
Parijs-Tours. Maar ook in de winter blijft de Duitser actief. Hij wint de
Zesdaagse van München aan de zijde van onze landgenoot Etienne De Wilde.

Het wielerseizoen 1996 voor Erik Zabel start in Spanje. Hij rijdt een
aantal kleinere voorbereidingswedstrijden, maar daarnaast staat de Ruta
Del Sol op het programma. Daarin wordt hij 19de en wint er een etappe. De
eerste grote afspraak is Milaan-San Remo, maar daarin eindigt de Duitser
39ste. Daarna reist hij door naar Spanje om er de Catalaanse Week te
rijden. Daarin wint hij drie etappes. De Ronde van Vlaanderen verloopt
voorspoedig voor de Duitser en hij wordt daarin 20ste. Maar meespelen in
de finale, daar komt hij wat te kort voor. Michele Bartoli laat op de Muur
van Geraardsbergen de verzamelde tegenstand achter zich en wint
Vlaanderens Mooiste.

In de finale van Gent-Wevelgem is Zabel mee met de grote groep die het mag
uitvechten voor de zege. Tom Steels wint de wedstrijd en Zabel valt juist
buiten de top-tien, met zijn 11de plaats. Met een 36ste plaats in
Parijs-Roubaix eindigt hij ver van het gewoel in de spits. Die dag is
Mapei heer en meester en met Museeuw, Tafi en Bortolami heeft het team
gewoon te kiezen wie wint. Het wordt Museeuw. In de Scheldeprijs in
Schoten is Frank Vandenbrouwke iederen te snel af op twee ronden van het
einde. Hij houdt niet meer dan 180 meter over op een jagend peloton en
wint de koers. Zabel wordt daarin vijfde. In de Amstel Gold Race wordt hij
38ste, beter vergaat het de Duitser in de Rund um den Henninger Turm in
Frankfürt. Hij wint de spurt voor de zesde plaats maar moet vijf vluchters
laten voorgaan en daarvan wint Beat Zberg de wedstrijd. Maar Zabel moet
maar vier dagen wachten voor zijn volgende zege die hij boekt in zijn
geboortestad Berlijn. Daarna wint hij nog etappes in de Vierdaagse van
Duinkerke , de Ronde van Luxemburg en Rund om Köln. Via een 35ste plaats
in de Ronde van Zwitserland en een zevende plaats in het Duits
wielerkampioenschap, gaat het richting Ronde van Frankrijk.

En daarin toont hij zich als massaspurter. Hij wint de derde rit van
Wasquehal naar Nogent-Sur-Oise in een massaspurt en in de 10de rit van
Turijn naar Gap doet hij nog eens hetzelfde. Hij wordt 82ste in de
eindstand en wint de groene trui. Maar in 2007 bekent hij dat ook hij epo
gebruikt, nadat eerst Bjarne Riis, in 1996 kopman van Telekom en
eindwinnaar van de Tour epogebruik bekende en in zijn kielzog een aantal
anderen van de toenmalige tourploeg bekende.

Maar terug naar 1996. Na de Tour trekt hij richting Atlanta om er 20ste te
worden in de Olympische Spelen. Hij wint de Continental Classic in
Duitsland en de vierde etappe in de Ronde van Nederland en dat maakt dat
de Duitser in 1996 twaalf keer het zegegebaar mag maken. Met een achtste
plaats in de GP Telekom, een kopeltijdrit die hij samen met Jens Heppner betwist en een 91ste plaats in Parijs-Tours zet de Duitser een punt achter zijn seizoen.

Het seizoen 1997 bereidt hij voor in Spanje, naast een paar kleinere
wedstrijden, rijdt hij ook een aantal rittenwedstrijden. In de Ronde van
Mallorca wint hij de openingsetappe, ook in de Ruta Del Sol wint hij de
openingsrit en is eindwinnaar van deze vierdaagse ronde. Daarnaast wint
hij ook de Trofeo Luis Puig en wint een etappe in de Ronde van Valencia.
Begin maart wint hij nog een wedstrijd in Aix-en-Provence en daarmee heeft
hij een heel goede conditie voor de voorjaarswedstrijden.

Milaan-San Remo is een wedstrijd voor sprinters, dat zei ik al vaker maar
in 1997 is het zeker niet anders. Op de Poggio probeert Peter van Petegem
nog te ontsnappen maar hij wordt meteen tot de orde geroepen. De wedstrijd
eindigt op een massaspurt maar die verloopt op zijn zachtst zeer
tumultueus. Een aantal renners komen ten val, waaronder Laurent Jalabert
en Johan Museeuw. De fiets van de Fransman is sneller over de meet dan
hemzelf en Museeuw glijdt met zijn billen over de aankomstlijn. Maar
gelukkig blijft Zabel recht en wint de Primavera. Het zal niet zijn
laatste keer zijn.

Eind maart wint hij nog voor eigen deur in Unna, en dan gaat hij de
klassieke periode in. In de Ronde van Vlaanderen wordt hij 36ste en in
Parijs-Roubaix komt hij uit op de 41ste plaats.

De Scheldeprijs in en om Schoten is een wedstrijd voor sprinters maar het
parcours telt heel wat vluchtheuvels, verkeersdrempels, verkeersremmers en
ander straatmeubilair. In de finale breekt het peloton dan ook in twee
stukken door een valpartij op één van die gevaarlijke punten. Het eerste
deel mag spurten voor winst en daarin is Zabel de snelste voor Johan
Museeuw en Andrei Tchmil. Normaal is een winnaar zeer tevreden met een
zege, maar winnaar Zabel was het allerminst. Op het podium haalde hij fel
uit naar de organisatoren en de plaatselijke notabelen. Hij gaf duidelijk
lucht aan zijn ongenoegen over het levensgevaarlijk parcours en zei nooit
meer in België meer te komen koersen. Maar gelukkig zal hij dat laatste in
zijn verdere carrière herzien.

In de Amstel Gold Race wordt hij nog 62ste. In de Ronde van Beieren wordt
hij 10de in de eindstand maar wint er wel drie etappes. Verder wint hij
nog één etappe in de Ronde van Luxemburg en één in de Ronde van
Zwitserland. In het Duits wielerkampioenschap wordt hij derde.

En dan is er de Ronde van Frankrijk. Het is wachten tot rit drie van Vitré
naar Plumelec. Na een heuvelachtig dagje Bretagne is Zabel de snelste in
een groepsspurt tegen Frank Vandenbroucke. In de zesde rit van Le Blanc
naar Marennes wordt Zabel gedeklasseerd wegens onregelmatig spurten, in
diezelfde rit wordt Tom Steels uitgesloten wegens het gooien van een
drinkbus in volle eindspurt.

Maar daags erna in de rit van Marennes naar Bordeaux neemt Zabel sportief
weerwraak door deze etappe te winnen in een massaspurt. En de volgende dag
in de rit van Sauternes naar Paul verslaat de Duitser weerom het hele pak.
In de eindstand wordt hij 66ste en door zijn drie ritzeges wint hij voor
de tweede opeenvolgende keer de groene trui.

Hij mag zijn groene kleinood gaan showen in de criteriums en hij reis
Nederland en Duitsland af, maar hij begint met een zege in het
Oostenrijkse Graz. Daarna wint hij de criteriums van Rhede, Maastricht,
Roosendaal, Hannover, Dortmund, Herford-Hiddenhausen en Weisenbrug. Zijn
criteriumwals onderbreekt hij voor de Ronde van Nederland waar hij een
etappe wint. Daarna schrijft hij de Ronde van Berlijn op zijn naam en met
een winst in het avondcriterium in hetzelfde Berlijn doet hij zijn
geboortestad veel eer aan. De GP Breitling in Duitsland is zijn laatste
wedstrijd van het seizoen en dan zitten we al rond half september. In deze
koppeltijdrit wordt hij achtste met ploegmaat Giovanni Lombardi.

1998. Zoals stilaan traditioneel wordt begint Zabel zijn seizoen in het warme
Spaanse Zuiden, waar de weersomstandigheden in februari een stuk beter
zijn dan in Duitsland. Hij wint de wedstrijd Palma-Palma en de
openingsetappe uit de Ronde van Vanencia. De verdere voorbereiding op het
voorjaar gaat over Italiaanse wegen. Hij wint drie etappes in
Tirreno-Adriatico en wordt 19de in de eindstand. 47 renners rijden de
rittenwedstrijd uit en dat heeft te maken met een stakingsactie van een
groep van een kleine 130 renners, die tijdens een etappe tot het
verstrijken van de tijdsgrens vlak voor de aankomst blijven staan om die
daarna te dwarsen. De wedstrijdcommissarissen laten zich niet intimideren
en zetten de groep uit koers. Halfweg de Tirreno kan de wedstrijd nog
verder met die 47 man. Maar door die drie ritzeges is Erik Zabel dan ook
torenhoog favoriet voor Milaan-San Remo.

Die favorietenrol maakt hij dan ook waar. Heel Europa kan er getuige van
zijn, want voor het eerst sedert een drietal jaar wordt de Primavera weer
uitgezonden op de Italiaanse staatszender RAI en het signaal wordt door de
Eurovisie overgenomen. Daarvoor was de wedstrijd enkel door betalende
kijkers te bewonderen. Net zoals twaalf maanden geleden draait Milaan-San
Remo weer uit op een massaspurt, maar deze keer blijven de renners recht.
Daarin is Erik Zabel weer de snelste en vloert de Franse Emmanuel Magnien
en Fréderic Moncassin. Zabel mag ook de leiderstrui van de wereldbeker
aantrekken.

Hij ging niet meer in België rijden, zo had hij na de Scehldeprijs in 1997
gezworen. Maar dure eden zweren is een, er zich aan houden duidelijk een
ander. Toch staat hij in april in Vlaanderen een paar keer aan de start.
In de Ronde van Vlaanderen wordt hij 43ste, in Gent-Wevelgem doet hij het
erg goed met een zesde plaats. £Die dag is Mapei te sterk en Nico Mattan
leidt kopman Frank vandenbroucke naar de zege in Wevelgem;

Zijn voorjaar onderbreekt hij voor de Ronde van Aragon, waar hij twee
etappes wint. In de Amstel Gold Race wordt hij 39ste en hij sluit het
voorjaar af met een 10de plaats in de Rund um den Henninger Turm in
Frankfürt.

De aanloop naar de Tour start hij met een zege in het Duitse Buchholz.
Daarna wint hij de Ronde van Midden-Zeeland in Goes, voegt hij er twee
ritzeges aan toe in de Ronde van Beieren, wint hij een etappe in de Ronde
van Luxemburg en een etappe in de Route du Sud. Begin juli wordt Zabel
Duits wielerkampioen.

In de Ronde van Frankrijk wordt de Duitser 62ste in de einduitslag. Voor
de derde keer wint hij de groene trui. Hij wint weliswaar geen etappes
want Tom Steels ontpopt zich met vier etappeoverwinningen tot de absolute
sprintkoning, maar door zijn regelmaat en een iets beter puntentotaal, kan
Zabel de groene trui veroveren.

En na de Tour mag hij weer aan een pak criteriums deelnemen. Hij wint de
criteriums van Graz en Rhede. In de HEW Cyclassics wordt hij 16de. Daarna
wint hij nog in Schorndorf en wordt eindwinnaar van de Coca Cola Trophy en
hij sluit het seizoen af met een derde plaats in de GP Breitling.

Het jaar 1999 begint voor de Duitser al zeer vroeg. In januari rijdt hij
in Australië de Tour Down Under. Daarin wint hij twee etappes. Van de
Australische zomer gaat het naar de Spaanse lente, want onder een fraai
lentezonnetje wint hij een etappe in de Ronde van Valencia. En wie lente
zegt, zegt in het Italiaans Primavera en dat staat gelijk met Milaan-San
Remo.

Ook in 1999 is Zabel één van de grote favorieten in deze lenteklassieker
en alles loopt naar wens tot diep in de finalen vlak na de afdaling van de
Poggio. Het peloton bereidt zich voor op een massaspurt en Zabel probeert
zich goed te plaatsten, maar toch gaat één man nog aanvallen. Het is de
tot Belg genaturaliseerde Oekraïner Andrei Tchmil, die in de aanval trekt
en alles uit de kas haalt om voorop te blijven. Er wordt eventjes
getwijfeld in het peloton en dat is voldoende om enkele meters over te
houden op een massaspurtende meute. Erik Zabel komt enkele meters te kort
voor zijn derde opeenvolgende zege en met tevreden zijn met de tweede
plaats.

Hij bereidt zich verder voor op het voorjaar in de Catalaanse Week waar
hij 45ste wordt in de einduitslag.

In de Ronde Van Vlaanderen is hij nog mee met de uitgebreide groep tot
iets voorbij de Vesten in Geraardsbergen. Bij het opdraaien van die Vesten
naar de meer van komt Frank Vandenbroucke ten val zonder erg maar
daardoor hindert hij de doorgang voor de achtervolgers,waaronder Zabel.
Peter van Petegem en Johan Museeuw kunnen van het geharrewar gebruik maken
om te ontsnappen en voorsprong te nemen op de Muur. Vandenbroucke komt nog
tto bij de twee leiders en met drie mogen ze het uitvechten voor de zege.
Daarin is Van Petegem de snelste. Zabel komt binnen als 22ste.

Ook in Gent-Wevelgem fietst de Duitser wat acchter de feiten aan. Bij de
vorming van een twintigkoppige leidersgroep na de heuvelzone in Hollebeke,
komt de duitser net te kort om mee te kunnen. In Wevelgem is Steels de
snelste van de kopgroep, Zabel eindigt 23ste.Ook in Parijs-Roubaix
verzeilt hij wat in de achtergrond maar wordt toch nog 29ste. Daarna trekt
de Duitser richting Aragon om er de openingsetappe te winnen. In de
Scheldeprijs in Schoten moet hij in de massaspurt enkel Jeroen Blijlevens
laten voorgaan voor de zege. In de Amstel Gold Race komt hij goed voor de
dag en wordt 13de. Het klassieke voorjaar sluit Zabel af met een zege in
een massaspurt in de Rund um den Henninger turm in Frankfürt.

Zijn voorbereiding op de Tour gaat via de Ronden van Beieren waar hij twee
etappes wint, via de ronde van Duitsland waar hij één rit wint en met een
ritzege in de ronde van Catalonië sluit hij zijn voorbereiding af. In het
kampioenschap van Duitsland kan hij zijn titel niet verlengen, maar wordt
nog wel derde.

In de Tour wordt hij 89ste, maar toch staat hij in Parijs op het podium.
Hij is voor de vierde keer eindwinnaar van het puntenklassement en mag
daarvoor de groene trui in ontvangst nemen. En dan is het weer
criteriumtijd. Zabel reist Duitslans af en wint in Rhede, Ahlen, Bochum en
Dortmund, tussendoor wordt hij negende in de HEW Cyclassics in Hamburg.
Met een zege in Erlangen en eindwinst in de Coca Cola-Trophy sluit de
Duitser zijn seizoen af.

2000. Net zoals het vorige seizoen begint hij in Australië met een zege in de
Tour Down Under. In februari gaat hij Spanjewaarts om er verder te werken
aan zijn voorbereiding op het klassieke voorjaar. Hij wint de
openingsetappe in de Ruta Del Sol. Met de GP Luis Puig wint hij één van de
weinige eendagskoersen op Spaanse bodem en in de Ronde van Valencia wint
hij dan nog een etappe. Via een 37ste plaats in de eindstand van
Tirreno-Adriatico en een ritzege in deze rittenkoers, is hij klaar voor
Milaan-San Remo.

Milaan-San Remo loopt zoals het de laatste jaren gaat, weer uit op een
massaspurt. Daarin wint Zabel voor Baldato en wereldkampioen Freire. Hij
mag ook de leiderstrui in de wereldbeker aantrekken. Via de Catalaanse
Week, waarin hij twee etappezeges behaalt gaat het richting
aprilklassiekers.

In de Ronde van Vlaanderen zit hij nagenoeg de ganse dag vooraan in de
koers en tot diep in de finale heeft hij uitzicht op winst. Maar dat is
buiten de waard van Andrei Tchmil gerekend die achter de Muur van
Geraardsbergen in de aanval trekt en een kleine voorsprong behoudt op een
selecte groep, waarvan Dario Pieri de spurt wint en waarin Erik Zabel net
buiten het podium valt. Hij verstevigt wel zijn leidersplaats in de
wereldbeker.

In Gent-Wevelgem wordt de Duitser 41ste maar hij doet er wel de schrik
van zijn leven op. Net achter de heuvelzone, ter hoogte van Hollebeke
ontsnappen twee pony's uit een we. Waarschijnlijk zijn de twee jonge
dieren opgeschrikt geraakt door het geluid van de helikopters uit de
wedstrijd en ze lopen de straat op, net op het parcours van de wedstrijd.
De renners proberen de op hol geslagen dieren te vermijden. Maar als één
van de dieren Zabel in het vizier krijgt, springt het op en duwt het de
Duitser omver. Zabel houdt er wel wat schrammen aan over aan het avontuur
maar doet zowat de schrik van zijn leven.

Gelukkig bekomt hij van de schrik en is hij klaar voor Parijs-Roubaix. Ook
in de Helleklassieker speelt hij mee in de finale en samen met ploegmaat
Steffen Wesemann houdt hij de kleuren van Telekom hoog en dat in een
wedstrijd waar vooral Mapei baas is, samen met heel wat Belgen en
Nederlanders. Maar in de finale springt Museeuw weg en hij houdt op de
wielerbaan van Roubaix vijftien seconden over op een spurtende bende
waarvan Peter van Petegem tweede wordt voor Erik Zabel. Met deze derde
plaats verstevigt Zabel uiteraard zijn leidersplaats in de wereldbeker.

In Luik-Bastenaken-Luik wordt Zabel 39ste maar toch houdt hij voldoende
punten voorsprong over in de wereldbeker.

De Scheldeprijs in Schoten eindigt op een massaspurt en daarin is de
Italiaan Endrio Leoni de snelste. Zabel wordt 7de.

De Amstel Gold Race is vooral veel klimmen en draaien op kleine
slingerwegen in Nederlands-Limburg maar toch dient een groep van veertien
renners zich aan voor een spurt om de zege in Maastricht. Daarin is Erik
Zabel de snelste voor Michael Boogerd en Markus Zberg. Met deze zege
verstevigt de Duitser uiteraard zijn leidersplaats in de wereldbeker en
tegelijkertijd is hij ook de nummer één in de UCI-ranking.

In de voorbereiding op de Tour neemt hij deel aan een paar rittenkoersen
en in de Ronde van Beieren wint hij één etappe, in de Ronde van Duitsland
haalt hij zelfs twee dagzeges. Tussendoor wint hij nog een wedstrijd in
het Duitse Schwenningen en haalt nog twee etappezeges in de Ronde van
Catalonië.

In de Ronde van Frankrijk moet Zabel wachten tot de 20ste etappe om te
mogen zegevieren. In de rit van Belfort naar Troyes wint hij in een
massaspurt maar het peloton moet wel moeite doen om de vooruit rijdende
François Simon, de régional d'etappe van dienst in te lopen. In de
eindstand van de Tour wordt Zabel 61ste en hij mag weer in Parijs op het
grote podium om nog maar eens gehuldigd te worden als winnaar van het
puntenklassement.

In zijn woonplaats Unna mag hij zijn groene trui aan zijn supporters tonen
en wint er dan ook het criterium. Het is meteen ook het enige
na-Tourcriterium dat hij rijdt.

Omdat Zabel aan de leiding staat in de wereldbeker, is hij genoodzaakt om
de augustusklassiekers mee te rijden om zo die leidersplaats te kunnen
verdedigen. De HEW Cyclassics in Hamburg eindigt op een massaspurt die
gewonnen wordt door de Italiaan Gabriele Missaglia en Zabel wordt daarin
vierde. In de Classica San Sebastian maakt hij een minder goede beurt en
wordt amper 55ste. Maar toch is dat voldoende om de leidersplaats te
behouden in de wereldbeker. In het Kampioenschap van Zurich wordt hij
24ste en hij kan daarmee de augustusklassiekers afronden als leider in de
wereldbeker. In september wint hij nog een etappe in de Ronde van
Rheinland-Phalz en in de Olympische wegrit in Sidney wordt hij 14de.

Zijn seizoen sluit hij af in Parijs-Tours. De wedstrijd eindigt deze keer
niet op een massaspurt maar op een sterk solonummer van Andrea Tafi. Erik
Zabel wordt 11de en dat is ruim voldoende voor zijn klassement in de
Wereldbeker. Hij hoeft zelfs niet meer te starten in de Ronde van
Lomberdije, want de voorsprong is groot genoeg voor eindwinst in die
Wereldbeker. Hij start niet meer in Lombardije maar wordt er wel als
eindwinnaar gehuldigd. Hij sluit het seizoen ook af als primus in de
UCI-ranking.

2001. Traditioneel bereidt de Duitser zich voor in het zonnige Spanje. Hij rijdt
een aantal kleinere voorbereidingskoersen en wint de Trofeo Mallorca en de
Trofeo Manacor. Ook in de Ruta del Sol pakt hij zijn ritje meer, wint
tussendoor nog eens de GP Luis Puig en in de Ronde van Valencia kan hij
ook weer een rit winnen.

Milaan-San Remo eindigt weer op een massaspurt, dat is de laatste jaren
een vaste gewoonte geworden. Daarin haalt Erik Zabel het nog maar eens,
deze keer voor Mario Cipollini en wereldkampioen Romans Vainsteins. Zabel
wordt daarmee weer leider in de wereldbeker. Net zoals in 1997 wordt de
eindspring weer ontsierd door een massale valpartij. De Italiaan Stefano
Zanini glijdt weg en doet daarmee het hele pak vallen. Gelukkig voor
Zabel, gebeurt dat alles achter zijn rug en hij hoort enkel wat fietsen
vallen, maar hij spurt onverstoord verder naar zijn vierde Primaverawinst.

In Brugge staat hij aan de start van de Ronde van Vlaanderen, als leider
in de wereldbeker. Toch zal de Duitser die dag in de achtergrond verzeilen
en 53ste worden. Gianluca Bortolami wint Vlaanderens Mooiste in een spurt
en zal in de stand om de wereldbeker de leidersplaats delen met Zabel.
Meteen weet de Duitser dat hij met Bortolami een zware klant heeft in dat
regelmatigheidsklassement.

In Gent-Wevelgem van dat jaar blijven de dieren deze keer mooi achter hun
omheining staan en Zabel kan met een gerust gemoed de koers afwerken.
Lange tijd rijdt hij mee in de spits aan de zijde van zijn ploegmaat
Steffen Wesemann. Maar in de finale moet hij zijn ploegmaat, samen met een
viertal anderen laten gaan voor de zege. In een spurt met vijf wint George
Hincapie de wedstrijd, Zabel wordt 9de.

Van de wereldbeker wielrennen maakt hij dit jaar geen doel, maar tot aan
de Ronde van Frankrijk rijgt hij de zeges als een Paternoster aan mekaar.
Begin mei wint hij in Stuttgart-Hohenheim, in de Ronde van Beieren deukt
hij zijn stempel door maar liefst vier etappes te winnen. In de Ronde van
Duitsland wint hij drie etappes en in de Ronde van Zwitserland is hij twee
keer aan het feest.

De Ronde van Frankrijk 2001 start in Duinkerke. In de proloog zet Zabel
een eerder onopvallende tijd neer, maar daags erna in de openingsetappe
van Saint-Omer naar Boulogne-sur-Mer staat hij er degelijk. De etappe
wordt weliswaar beheerst dooreen lange ontsnapping van de Fransen Jacky
Durand en Christophe Oriol. Maar in het peloton wordt de jacht geopend en
in de finale gaat de voorsprong van de beide Fransen smelten als sneeuw
voor de zon. Het peloton krijgt daarenboven nog extra hulp van een
gesloten overweg, waardoor de vluchters een poosje opgehouden worden. In
de finale is hun kaars helemaal uit en in de massaspurt is Zabel de
snelste voor het hele pak. Voor de volgende ritzege is het twee dagen
wachten. Het Tourpeloton rijdt dan op Belgische wegen. De publieke
belangstelling is overweldigend, vooral dan in Vlaanderen. Maar liefst
400.000 toeschouwers komen naar Antwerpen om er de start van de derde
etappe mee te maken. Tijdens die etappe krijgt Marc Wauters, een dag
eerder ritwinnaar in Antwerpen en daardoor gele truidrager zijn moment van
eer en glorie en mag zijn gele kleinood tonen aan zijn supporters bij de
doortocht in zijn woonplaats Lummen. Maar daarna is zijn moment van eer en
glorie uit en aan het eind van die etappe in de straten van Seraing komt
het weer tot een massaspurt en daarin is Zabel weer de snelste van het
hele pak. Voor het volgende nummertje Zabel is het wachten tot de
voorlaatste etappe van de Tour. In die rit van Orléans naar Evry is hij
weer de snelste in een massaspurt. In de slotrit van de Tour op de Parijse
Champs Elyséés moet hij wel de Tsjech Jan Svorada laten voorgaan maar hij
mag weer naar het grote podium om er nog maar eens gehuldigd te worden als
eindwinnaar van het puntenklassement. In de eindstand wordt hij 96ste.

Daags erna mag hij zijn groene trui tonen in het criterium van het
Nederlandse Boxmeer, dat hij ook wint. Daarna wint hij nog in Krefeld,
zijn woonplaats Unna en de nacht van Hannover.

De HEW Cyclassics eindigt op een massaspurt en daarin is Zabel sneller dan
Erik Dekker en Romans Vainsteins. In de stand van de wereldbeker staat de
Duitser tweede, daarin moet hij ook enkel Dekker laten voorgaan. Daarna
wint hij nog een criterium in het Duitse Eindhausen en wordt eindwinnaar
van de Duitse Top-Cup.

De wereldbeker mag dan geen doel zijn, het wereldkampioenschap in Lissabon
is het des te meer. Als voorbereiding daarop rijdt Zabel voor de eerste
keer in zijn loopgaan de Ronde van Spanje. En dat hij daar niet mee rijdt
om de hoop te vergroten, bewijst hij meteen in de tweede rit. Aan het eind
van die etappe van Salamanca naar Valladolid is hij de snelste voor Freire
en McEwen. Daags erna in de etappe van Valladolid naar Leon is het weef
feest voor Zabel. Deze keer klopt hij McEwen en Hondo in een massaspurt.
Geen twee zonder drie denkt de Duitser en de dag erop in de etappe van
Leon naar Gijon is het weer massaspurt en daarin is Zabel weer sneller dan
Freire en Sven Teutenberg. Helaas zal tv-kijkend Europa deze spurt niet
live te zien krijgen. Op dat moment storten aan de andere kant van de
wereld in New York de WTC-torens in nadat er twee vliegtuigen tijdens een
aanslag tegenaan gevlogen zijn. Het is dinsdag 11 september. Maar nu terug
naar de koers. In de eindstand van de Ronde van Spanje wordt Zabel 86ste.

Parijs-Tours wordt dat jaar beheerst door een marathonontsnapping van de
Fransman Richard Virenque, amper een maand eerder wederopgetreden na een
jarenlange schorsing wegens epogebruik. In de laatste rechte lijn zit het
peloton de lieveling van het Franse wielrennen op de hielen maar Virenque
houdt nog twee seconden over van zijn voorsprong en dat is voldoende voor
winst. In zijn wiel wordt Oscaf Freire spurtwinnaar tegen Erik Zabel voor
de tweede plaats.

Zowel Freire als Zabel zijn de favorieten voor het WK dat gereden wordt
in Lissabon. De titelrace eindigt op een massaspurt, nadat in de finale de
Italianen hun best hebben gedaan om mekaar in het verlies te rijden. Oscar
Freire mag zich voor de tweede keer kronen als wereldkampioen, Zabel valt
net buiten de medailles en wordt vijfde. De Duitser eindigt zijn seizoen
als tweede in de wereldbeker wielrennen en daarin moet hij enkel de
Nederlander Erik Dekker laten voorgaan.

2002. Tegen zijn gewoonte in, komt Zabel iets later op dreef. Voor de eerste
spraakmakende prestatie is het wachten tot maart. Hij wint de
openingsetappe uit Tirreno-Adriatico. In Milaan-San Remo komt hij deze
keer niet echt in beeld. De wedstrijd eindigt andermaal op een massaspurt
en die wordt gewonnen door Mario Cipollini. De Duitser wordt 70ste. In de
Catalaanse Week wint hij de eerste twee ritten.

Gelukkig verloopt de Ronde van Vlaanderen een stuk beter. Zabel wordt
daarin 10de. Ook in Gent-Wevelgem komt Zabel erg goed voor de dag. Maar in
de finale moet hij een groepje van vier renners laten vertrekken. Mario
Cipollini lijkt aan zijn heropstanding bezig want hij wint de wedstrijd,
Zabel wordt 8ste. In Parijs-Roubaix is het Domo-Farm Frites-team weer
sterk en Johan Museeuw drukt zijn stempel op de koers, Telekom is met
Steffen Wesemann zeer goed vertegenwoordigd en eindigt tweede. In de
achtergrond eindigt Zabel als 26ste. Tussendoor trekt de Duitser naar
Aragon waar hij een etappe wint. Voor het eerst wordt de Amstel Gold Race
op een zondag gereden en de man van de koers is Michele Bartoli. Erik
Zabel doet het met een 9de plaats bijzonder goed. Het klassieke voorjaar
sluit hij af met winst in de Rund um den Henninger Turm in Frankfürt.

Na een korte rustpauze rijdt hij eind meid de Ronde van Beieren, waar hij
een etappe wint. Ook in de Ronde van Luxemburg gaat hij met ritwinst
lopen. Op de Ronde van Duitsland drukt hij zijn stempel met vier ritzeges.
In de Ronde van Zwitserland wint hij twee keer en daarmee is zijn
voorbereiding op de Ronde van Frankrijk afgerond.

In de Tour is het wachten tot de zesde rit voor een nummertje Zabel. In
de etappe van Forges-les-Eaux naar Alençon geeft de Duitser spurtles en
laat er volt Robbie McEwen en Oscar Freire achter zich. Hij eindigt als
82ste in de eindstand en wordt tweede in het puntenklassement. Deze keer
mag Rbbie McEwen naar het grote podium om er de groene trui in ontvangst
te nemen.

Daarna werkt Zabel een aantal criteriums af. Hij wint in het Duitse
Duisburg, de Nacht van Hannover, wordt tussendoor 77ste in de HEW
Cyclassics in Hamburg, wint vervolgens nog de criteriums van Kassel,
Dortmund, zijn woonplaats Unna en Mönchengladbach. Hij is de beste in de
openingsetappe in de Ronde van Nederland en wint begin september in
Nürnberg.

Ook dit seizoen is het WK een doel voor Zabel. Het gaat door in Zolder en
het parcours is zo vlak als een biljartlaken. Naast Erik, zijn ook Oscar
Freire en Mario Cipollini de absolute kanshebbers op de wereldtitel. Via
de Ronde van Spanje werkt hij verder aan zijn conditie en hij wordt er
59ste.

Voor het tweede jaar op rij eindigt de vluchtkoers Parijs-Tours net niet
op een massaspurt. De Deen Jakob Pil en de Fransman Jacky Durand zijn de
marathonontsnappers van dienst en in de finale laat de Deen de Fransman
ter plaatse. Pil haalt daarmee zijn eerste klassieke zege bij de profs,
Jacky Durand wordt tweede en Erik Zabel wint de spurt van het peloton.
Maar daarmee is hij één van de topfavorieten voor het WK.

De titelrace in Zolder blijft lange tijd gesloten en in de finale raakt
niemand weg. Het WK eindigt dan ook op de verwachte massaspurt en daarin
is Mario Cipollini de snelste voor Rbobbie McEwen en Erik Zabel die met
brons op het podium staat en zijn seizoen mooi kan afsluiten.

Veertien overwinningen haalt Erik Zabel in 2003, waaronder een etappe in
de Ronde van Spanje en Parijs-Tours. Hij wordt voor de tweede keer Duits
kampioen.

Zijn seizoen begint weer in Spanje met een paar voorbereidingswedstrijden
maar het is wachten tot in maart voor een eerste overwinning. Hij wint een
etappe in de Ronde van Murcia. In Tirreno-Adriatico wordt hij achtste zin
deeindstand.

Dat jaar eindigt Milaan-San Remo niet op een massaspurt. Paolo Bettini
voert een nummertje op en wint, Erik Zabel wordt 6de. In de Catalaanse
Week wint hij twee etappes. In de Ronde van Vlaanderen verzeilt Zabel
weeer in de achtergrond en wordt 43ste. Gent-Wevelgem laat hij deze keer
voor wat het is en kiest voor de GP Cerami in Saint-Ghislain. Daarin
wordt hij vijfde. In Parijs-Roubaix gaat het wat beter dan één week
geleden en wordt 15de. De Scheldeprijs Vlaanderen in Schoten eindigt op
een massaspurt en die wordt gewonnen door Ludovic Capelle. Erik Zabel
wordt 5de. In de Amstel Gold Race wordt hij 15de en in de Rund um den
Henninger Turm in Frankfürt is Davide Rebelllin net iets te snel voor het
peloton, Erik Zabel wordt tweede.

Tot aan de Tour is de voorbereiding Duits getint. Hij wint zowel een
etappe in de Ronde van Beieren als in de Ronde van Duitsland. Eind juni
wordt hij Duits wegkampioen.

Geen opvallende prestaties in de Ronde van Frankrijk, Zabel wordt daarin
107de. Daarna begint hij weer aan een criteriumronde en hij wint in het
Nederlandse Boxmeer en in het Duitse Neuss en Krefeld. Tussendoor wordt
hij nog zesde in de HEW Cyclassics in Hamburg. Daarna wint hij nog in
Dortmund en is hij aan het feest in de Ronde van Nederland, waar hij een
etappe wint.


In de Ronde van Spanje ishet wachten tot rit 11. De etappe van Andorra
naar Sabadellis ErikZabel sneller dan Alessandro Petacchi en Fabrizio
Guidi. Daags erna, in de rit van Utiel naar Cuenca zijn de spurters weef
aan het feest. Dezekeer haaltZabel het van Tom Boonen en Angel Edo. Hij
rijdt de Vuelta uit op een 72ste plaats. Daarenboven wint hij het
puntenklassement.

Parijs-Tours wint Zabel nog eens in een massaspurt. Daarin klopt hij
Petacchi en O'Grady. De Duitser sluit zijn seizoen af in het WK in
Hamilton op een 11de plaats.

2004, het jaar
waarin hij toch nog negen keer wint. Maar op bepaalde opzichten rijdt hij
een opgemerkt programma en haalt hij nog een aantal fraaie ereplaatsen.



Maar laten we eerst bij zijn sponsor beginnen. In de winter van 2004
besluit Team Deutsche Telekom niet langer hoofdsponsor te zijn en laat
zijn gsm-operator T-Mobile op de trui prijken. De trui wordt volledig
magentakleurig.

Zijn magentakleurige trui mag hij voor het eerst laten zien aan het
Spaanse publiek. Hij rijdt er heel wat voorbereidingswedstrijden en wint
een etappe in de Ronde van Andalusië, ook de Ruta Del Sol genoemd.

De voorbereiding op het verdere voorjaar verloopt voorspoedig en hij wordt
3de in de eindstand in Tirreno-Adriatico, de ultieme voorbereiding op
Milaan-San Remo.

Ook in 2004 blijft de Primavera een nerveuze bedoening die steevast
eindigt op een massaspurt. En Erik Zabel is in de eindsprint op weg naar
zijn vijfde zege in deze koers, maar terwijl de Duitser het ultieme
zegegebaar maakt, jumpt de Spanjaard Oscar Freire hem in extremis nog
voorbij en pakt deze mooie klassieke zege. De Duitser moet zich troosten
met de tweede plaats maar kan nog wel Stuart O'Grady en Alessandro
Petacchi achter zich laten.

Zabel bezorgt zichzelf nog een mooi paascadeau door op paasmaandag de Rund
um Köln te winnen. In de klassiekers is het wat minder. In de Amstel Gold
Race wordt hij nog zestiende, in Luik-Bastenaken-Luik zelfs 81ste. Het
klassieke voorjaar sluit hij af met een 7de plaats in de Rund um den
Henninger Turm in Frankfürt.

Voor het eerst in zijn loopbaan staat hij aan de start van de Vredeskoers,
een grotere rittenkoers door het oosten van Europa. Hij wordt 19de in de
eindstand en wint er twee etappes. Met twee ritzeges in de Ronde van
Beieren en een overwinning in het criterium van Schwenningen bereidt hij
zich voor op de Ronde van Frankrijk.

In de Tour eindigt Zabel 59ste en wordt derde in de eindstand van het
puntenklassement. Daarna wint hij het criterium van het Duitse Duisburg en
wordt in een massaspurt 7de in de HEW Cyclassics in Hamburg. In de
Classica San Sebastian loopt het wat minder vlot en daarin wordt de
Duitser nog 63ste.

Tijdens de wegrit van de Olympische Spelen in Athene valt Zabel net naast
het podium. Tijdens de wedstrijd ontsnappen Paolo Bettini en Sergio
Paulinho. In de finale laat de Italiaan de Portugees achter en wordt
Olympisch kampioen. Uit het peloton ontsnapt Axel Merckx en pakt brons.
Zabel wint de spurt voor de vierde plaats.

Zabel wint in het Duitse Hamm nog een criterium en kan zich voorbereiden
op het WK via de Ronde van Spanje. Daarin wordt de Duitser 43ste en mag in
Madrid ook de puntentrui in ontvangst nemen als eindwinnaar in dat
klassement.

Het WK gaat door in Verona en daarin zijn de Italianen favoriet met
Bettini maar ook de spurters zoals Zabel en Freire hebben kansen. Het WK
zelf komt traag op gang maar de finale is des te wervelend met een
massaspurt als orgelpunt. Daarin is Oscar Freire de snelste en net zoals
in Milaan-San Remo eindigt Zabel weer tweede.

2005, het jaar waarin Zabel zowel de Rund
um den Henninger Turm als Parijs-Tours wint maar niet naar de tour mag van
zijn werkgever.



De eerste uitslag van betekenis die hij rijdt is een 29ste plaats in de
eindstand van Tirreno-Adriatico. In Milaan-San Remo eindigt hij 14de in de
massaspurt, die gewonnen wordt door Alessandro Petachhi. In de Ronde van
Vlaanderen valt hij net naast het podium. De man van de dag is Tom Boonen
die in de finale solo wegrijdt van een keurgroep met onder meer ErikZabel,
die als vierde zal arriveren in Meerbeke. Ook in Gent-Wevelgem is Zabel
mee met de beteren maar in de finale gaat Juan Antonio Fleccha naar de
zege, maar wordt bijgehaald door Nico Mattan, die dankzij de betwistbare
hulp van een volgwagen van de organisatie de Spanjaard op een paar honderd
meter van de streep kan remonteren en winnen. Zabel eindigt negende. De
andere klassiekers werkt hij iets onopvallender af met een 76ste plaats in
Parijs-Roubaix en een 49ste plaats in de Amstel Gold Race. Het klassieke
voorseizoen wordt met winst en een eerste seizoenszege afgesloten in
Frankfürt met de Rund um den Henninger Turm.

Voor het eerst in zijn loopbaan rijdt Erik Zabel de Ronde van Italië en
wordt daarin 63ste. In het Duits wielerkampioenschap wordt hij derde. Maar
intussen is Zabel duidelijk niet tevreden met zijn werkgever. Die heeft de
Duitser niet geselecteerd voor deelname aan de Ronde van Frankrijk.
T-Mobile wil nog eens alles zetten op Tourwinst van Jan Ullrich en dat
betekent dat iedereen in functie zal rijden van Ullrich en dat betekent
dan ook geen plaats voor een sprinter. Geen Erik Zabel in de Tour en hij
mag om die tijd tot de najaarsklassiekers overbruggen om kleinere
wedstrijden te rijden. Hij wint in Dahme, in Radenvromwald, in Rattinger
Innerstadt en in zijn woonplaats Unna. Intussen wordt hij nog 16de in de
HEW Cyclassics in Hamburg en eindigt als 34ste in de eindstand van de
Eneco Tour. Met de Ronde van Spanje rijdt hij zijn tweede grote ronde van
het jaar en eindigt daarin 63ste. Het WK in Madrid is dan weer iets voor
spurters maar Erik Zabel vertolkst daarin een eerder onopvallende rol, hij
eindigt dan ook als 29ste. Intussen raakt bekend dat Zabel T-Mobile aan
het eind van het seizoen zal verlaten voor het Miram-team, een team met
vooral Duitsers en Italianen met als belangrijkste renner Alessandro
Petacchi. Toch geeft hij zijn huidige team een mooi afscheidsgeschenk met
de winst van Parijs-Tours. Deze wedstrijd wint de Duitser in een
massaspurt tegen Daniele Benati, Alan Davis en Robbie McEwen. In de
eindstand van de Protour eindigt Zabel 23ste.

2006. De kleuren van zijn nieuwe werkgever Milram mag hij al zeer vroeg gaan
verdedigen, want hij start zijn seizoen in de Ronde van Qatar, waarin hij
tweede wordt in de eindstand. Daarna wordt zijn voorbereiding op het
voorjaar Italiaans getint met een vijfde plaats in Milaan-Turijn, een
derde plaats in de Ronde van Lucca en een 20ste plaats in
Tirreno-Adriatico. Milaan-San Remo rijdt hij uit als 21ste en in de
E3-Prijs Vlaanderen in Harelbeke, dat meer op de GP Tom Boonen lijkt,
wordt hij 12de. Daags erna rijdt hij een goede Brabantse Pijl. Maar hij
moet zich neerleggen bij de overmacht van de Rebobank en voor het tweede
opeenvolgende jaar mag Oscar Freire zegevieren, Zabel wordt achtste. In de
Ronde van Vlaanderen is hij mee met de besten maar enkel Leif Hoste kan
een aanval van Tom Boonen, nog voor de Muur van Geraardsbergen
beantwoorden. Het komt tot een spurt en daarin is de regerende
wereldkampioen de beste. Zabel wordt 11de. Gent-Wevelgem eindigt op een
massaspurt en daarin is de Noor Thor Hushovd de snelste. Erik Zabel
eindigt 41ste. Parijs-Roubaix wordt een wedstrijd met een tumultueus slot
en dat heeft te maken met de gesloten overweg in Hem op 9 km van de
wielerbaan van Roubaix. Winnaar Fabian Cancellara kan er nog net passeren,
Peter van Petegem en Leif Hoste slalommen tussen de halve slagbomen en
worden gedeklasseerd. Tom Boonen en Juan Antonio Flecha krijgen die kans
niet want de goederentrein raast voorbij. Erik Zabel kan zonder problemen
zijn Helletocht afwerken zonder last van gesloten overwegen en eindigt als
twaalfde op de wielerbaan van Roubaix. En zoals traditioneel eindigt de
Duitser zijn voorjaar in de Rund um den Henninger Turm in Frankürt met een
vierde plaats.

Na een rustpauze trekt Zabel zich weer op gang in de Ronde van Catalonië,
waar hij 52ste wordt. In de Ronde van Beieren wint hij zijn rit en wordt
26ste in de eindstand. In de Ronde van Zwitserland wordt hij 68ste. Maar
Zabel mag weer naar de Tour en daarin wordt de Duitser 86ste. Daarna kan
hij weer flink wat criteriums rijden. Hij wint in Mönchengladbach-Rheydt,
de Nacht van Hannover, in zijn woonplaats Unna en in Betzdorf. Tussendoor
wordt hij door Oscar Freire geklopt in de Vattenfall Cyclassics in Hamburg
en wordt 31ste in de Ronde van Duitsland.

De Ronde van Spanje is weerom de voorbereiding van Erik Zabel op het WK in
Salzburg. De Vuelta begint schitterend voor de Milram-ploeg met een derde
plaats in de ploegentijdrit in en om Malaga. In de vierderit van
Alemandrejo naar Careces slaat Erik Zabel een eerste keer toe in de
massaspurt. En dan is het wachten tot de slotrit in Madrid en daarin
geeft Zabel weer spurtles met Thor Hushovd als zijn voornaamste leerling.
In de eindstand wordt hij 62ste. Het WK-parcours in Salzburg lijkt niet
echt iets voor sprinters, maar toch eindigt de titelrace op een
massaspurt en daarin is Paolo Bettini de snelste voor Erik Zabel en
Alejandro Valverde. De Duitser eindigt 39ste in de Protour.

De eerste deftige prestatie van 2006 levert Zabel af in Milaan-San Remo.
De Primavera eindigt andermaal op een massaspurt, waarin Oscar Freire de
beste is voor Allan Davis en Tom Boonen. Zabel wordt zesde. Via een
29ste plaats in de E3-Prijs Vlaanderen in Harelbeke gaat het richting
Ronde van Vlaanderen. Zabel neemt er de start maar tijdens de doortocht in
de Vlaamse Ardennen, rijdt de Duitser iets te voortvarend de Stationsberg
in Etikhove af, en beneden gekomen gaat hij ter hoogte van de spooroverweg
bij het station de bocht uit. Zabel komt ten val en belandt op het
treinspoor en blesseert zich.

De Duitser treedt weer in competitie in de Ronde van Nedersaksen waar hij
vijfde wordt in de eindstand. Zijn volgende race is de Rund um den
Henninger Turm in Frankfürt waar hij 13de wordt. Voor zijn eerste zege is
het wachten tot de Ronde van Beieren, waar hij een etappe wint. In de
eindstand wordt hij 15de. Zijn tweede overwinning haalt hij in de tweede
etappe van de Ronde van Zwitserland, waar hij 71ste wordt in de eindstand.
Intussen is er commotie ontstaan over een aantal uitspraken van de Duitser
over epo-gebruik in de Tour van 1996. Zabel bekent aan het spul gezeten te
hebben, maar in tegenstelling tot anderen uit het toenmalige Telekom-team
waaronder zijn toenmalige kopman en Tourwinnaar Bjarne Riis, is de Duitser
welkom in de Tour. Hij wordt daarin dan ook 78ste. In augustus wint hij
een criterium in het Duitse Bochum. In de Ronde van Duitsland wordt hij
67ste en wint een etappe. Aansluitend rijdt hij de Vattenfal Cyclassics in
Hamburg en wordt daarin vijfde.

In de Ronde van Spanje laat hij zien dat hij nog kan winnen in een
massaspurt. Hij wint de zevende rit van Caolahora naar Zaragoza en
verslaat er Allan Davis en Paolo Bettini. In de eindstand van de Vuelta
wordt Zabel 73ste. Het WK van 2007 gaat door in Stuttgart en dat betekent
dat Zabel voor eigen volk mag rijden. Bettini wordt er wereldkampioen,
Zabel wordt 18de. Zijn laatste opdracht van het seizoen is Parijs-Tours.
Daarin loodst hij ploegmaat Alessandro Petacchi naar de zege in een
massaspurt. Zabel zelf wordt elfde.

Hij kondigt aan dat 2008 zijn laatste seizoen wordt als actief wielrenner.
Zijn laatste seizoen begint hij in Portugal, waar hij 59ste wordt in de
Ronde van de Algarve. In de Ronde van Valencia boekt hij zijn eerste
seizoenszege en wordt 58ste in de eindstand. Via Tirreno-Adriaticco waar
hij 61ste wordt, gaat het richting Milaan-San Remo. De Primavera van 2008
eindigt niet op een massaspurt en dat is de verdienste van Fabian
Cancellara die tijdens de afdaling van de Poggio in de aanval trekt en een
kleine voorsprong heeft op een spurtend peloton waarin Zabel 17de wordt.
Op de Ronde van Vlaanderen bereidt Zabel zich oor met een 40ste plaats in
de E3-Prijs Vlaanderen. Daags erna neemt hij in Leuven de start in de
Brabantse Pijl, maar de finale op en rond de Alsemberg laat de Duitser
voor wat het is. De Ronde van Vlaanderen van dat jaar wordt in winterse
weersomstandigheden gereden, maar Zabel overleeft de koude en wordt
69ste.Gent-Wevelgem wordt in aanzienlijk betere weersomstandigheden
gereden en in de Vanackerestraat in Wevelgem dient het peloton zich aan
voor een massaspurt. Daarin is Oscar Freire de snelste, Zabel wordt er
vierde. Een week later, eindigt de Scheldeprijs Vlaanderen in Schoten
eveneens op een massaspurt. Tom Boonen schijnt op het eerste zicht te
winnen, maar steekt te vroeg de handen in de lucht. Daarvan kan de Brit
Mark Cavendish profiteren om de Balenaar alsnog voorbij te snellen en te
winnen. Zabel kan alles perfect volgen vanop de eerste rij, want hij wordt
vierde; In de Amstel Gold Race wordt de Duitser nog 23ste, maar in de
Waalse Pijl komt hij ten val en blesseert zich aan de knie.

Zijn wederoptreden viert hij in het nationaal kampioenschap en wordt er
geklopt door Fabian Wegmann. In zijn laatste Ronde van Frankrijk trekt de
Duitser zich zeer behoorlijk uit de slag en wordt 43ste in de eindstand.
Hij wint nog twee na-Tourcriteriums : de Nacht van Hannover en het
Nederlandse Surhuisterveen. In zijn allerlaatste Ronde van Spanje wint hij
wel geen etappe, maar wordt wel 49ste in de eindstand. Zijn allerlaatste
wegkoers is Parijs-Tours. In de finale rijdt een groepje weg en die mogen
het uitvechten in de spurt. Daarin is Philippe Gilbert de snelste voor Jan
Kuyckx, luttele seconden later eindigt Zabel in het peloton als zevende.
Om zijn loopbaan af te sluiten rijdt Zabel aan de zijde van zijn
landgenoot Lampater nog een aantal zesdaagsen, waaronder die van Gent.
Bremen is zijn allerlaatste zesdaagse en daarin staat hij momenteel aan de
leiding.

Lieven Vanpoucke

Fotoalbum Erik Zabel

1992

1993

1994

1995

1996

1997

1998

1998

1999

2000

2000

2001

2001

2002

2003

2003

2004

2004

2005

2006

2006

2007

2008

2008


  Afbeelding toevoegen