Álvaro Mejia

  

Voornaam:   Álvaro
Achternaam:   Mejia Castrillón
Nationaliteit:  Colombia
Geslacht:  
Leeftijd:   52 jaar
Geboortedatum:   19-01-1967

slider image slider image slider image

Voornaam:   Álvaro
Achternaam:   Mejia Castrillón
Nationaliteit:  Colombia
Geslacht:  
Leeftijd:   52 jaar
Geboortedatum:   19-01-1967

 

 Bevoegdheden

Professional 1989-1997





Uitslagen

Alle wedstrijden
Toon:

Ploegen



Memo(s)

Ronde van Frankrijk 1993. We belanden middenin het koninkrijk van ‘El Rey’ Miguel Indurain. Op de flanken van de col du Galibier vechten de renners zich een weg naar Serre-Chevalier, aankomstplaats van de eerste bergetappe. In het spoor van Indurain vallen de favorieten als vliegen. Er vormt zich een kleine kopgroep. El Rey himself rijdt soeverein op kop, fier rechtop, de handen op het stuur en de blik geconcentreerd naar voren gericht. Naast hem ligt de Zwitserse uitdager Tony Rominger op de loer: de handen onderin de beugels, zichtbaar vermoeid maar vastberaden Indurain in het defensief te dwingen. Achter de gekromde rug van Rominger ontwaren we de pijnlijke grimas van Zenon Jaskula. Rimpels graven diepe groeven in het voorhoofd van de verrassende Pool. De bleke tint van Jaskula steekt schril af tegen de donkere huidskleur van die andere verrassing in de kopgroep. De vierde renner draagt een doorzichtige skibril en heeft als enige in het kopgroepje zijn helm nog op. Onder die grote helm richtten een stel donkere kijkers zich naar het achtersteven van de heren Indurain en Rominger. Sinds de fratsen van Herrera & co zijn Colombianen geen nieuwigheid meer in het peleton, maar anno 1993 lijkt men er nog niet volledig aan gewend. De Colombiaan in het blauwrode Motorola-tricot volgt behoedzaam het wiel van Indurain. Dat zal hij bijna de hele Tour doen. In Parijs eindigt Alvaro Mejia vierde. De enige landgenoot die ooit beter deed was Fabio Parra, derde in de Ronde van 1988.



Wie Mejia’s tourprestatie vier maanden eerder durfde voorspellen, werd met een overdosis cocaïne naar de gevangenis van Medellin afgevoerd. De economische crisis had immers hard toegeslaan in Colombia, en Mejia’s ploeg Postobon werd opgedoekt. Als het Amerikaanse Motorolateam zich in maart 1993 bereid verklaart Mejia over te nemen, bevindt de renner zich in de onbereikbare binnenlanden van Colombia. In zijn geboortedorp San Rosa de Cabal (in de westelijke provincie Riseralda) verzoent Mejia zich al met het einde van zijn loopbaan. Zou hij terug bij de apotheek aan de slag kunnen? Als jonge knaap al sleurde Alvaro zijn atletische lichaam elke dag over ‘de hoogte van Boqueron’ (een berg van tweede categorie op een hoogte van 3000 meter) om met de fiets medicijnen aan zieken te bezorgen. Of zou hij weer radio’s repareren? Die vaardigheid had hij immers bewaard uit zijn arme jeugdjaren. Zou hij misschien als arbeider op de koffieplantage terechtkunnen? Zijn vader werkte op een koffieplantage, en zou wel wat voor hem kunnen regelen. Niets van dat alles. Als Motorola-manager Noël Dejonckheerde de introverte Mejia eindelijk aan de telefoon krijgt, vraagt hij hem zo gauw mogelijk naar Europa te komen. Hij zal terug koersen, als Colombiaan in een Amerikaanse ploeg. Na de nodige visumproblemen wordt Mejia via de Giro succesvol klaargestoomd voor de Tour.



Het is een raadsel waarom Alvaro Mejia bij aanvang van het seizoen 1993 geen ploeg vindt. De voorbije jaren toonde hij geregeld flitsen van zijn onloochenbare klasse. Als 21-jarige neoprof wint hij in 1988 de Classico RCN, samen met de Ronde van Colombia de belangrijkste wielerwedstrijd van zijn land. Het daaropvolgende jaar wint hij die wedstrijd voor de tweede keer, om zich vanaf 1990 op het Europese vasteland in de kijker te rijden. Hij wordt 17e in zijn eerste Vuelta, wint er ei zo na het bergklassement en verrast jan en alleman door als ‘Colombiaans klimmertje’ de slottijdrit van de Dauphiné Liberé op zijn naam te schrijven. Bij zijn tourdebuut wringt Alvaro zich nipt in de top vijftig. Een jaar later wordt hij 19de in de Tour en beste jongere. Voorts is de Colombiaan de beste in de Ronde van Galicië en behoort hij op het wereldkampioenschap in Stuttgart tot een elitegroep van vier die het peleton voorafgaat. Alleen toppers als Bugno, Rooks en Indurain kunnen Mejia van het podium houden. Nooit eerder had een Colombiaan het zo ver geschopt op een WK. Alvaro kent een terugval in 1992: hij wint nog wel de Ronde van Murcia maar geeft op in de Tour. Dat verklaart deels waarom de wielerwereld hem even later uit het oog verliest.


Het onwaarschijnlijke seizoen 1993 zorgt voor de kentering. Te beginnen met de Tour. Misschien had er voor Mejia zelfs meer ingezeten dan een vierde plek. De klimmer uit Riseralda houdt immers lange tijd stand in het onmiddellijke zog van Indurain. In de slotweek tonen Rominger en Jaskula zich echter betere tijdrijders, waardoor Mejia alsnog van het podium tuimelt. Na zijn succesvolle Tour zegeviert Alvaro in de Ronde van Catalonië. Hij verslaat er de Italiaanse wereldbekerleider Maurizio Fondriest, nochtans in de vorm van zijn leven. In het begin van 1993 is niemand geïnteresseerd in de schuchtere Colombiaan, op het einde van het seizoen heeft hij de ploegen voor het uitkiezen. De dan 27-jarige Mejia weet niet waar hij het heeft. “Indien ik vroeger mijn ouders of mijn liefje wou opbellen in Santa Rosa moest ik dat telkens zelf betalen”, lacht hij. “Een pak dollars per gesprek. Nu zouden ze binnen de ploeg zelf het nummer draaien en verlaat ik het hotel zonder extraatjes te moeten betalen”



Na het magische jaar 1993 deemstert Mejia enigszins weg. Voor aanvang van de Tour 1994 noemt Indurain hem één van zijn belangrijkste rivalen, maar die rol kan Mejia op geen enkel moment waarmaken. Hij beëindigt zijn vijfde tour op een teleurstellende 31ste plek. Het jaar daarop rijdt hij terug in de top-twintig (16de), maar Mejia lijkt definitief over zijn hoogtepunt heen. De laatste keer dat we de stille Andeszoon uitgebreid in beeld zien is in de vijftiende etappe van de Tour 1995. Mejia is één van de zes overgebleven Motorolarenners die bij wijze van eerbetoon aan de verongelukte Fabio Casartelli als eersten van het peleton de streep overschrijdt. Hij zal zijn carrière op 30-jarige leeftijd afsluiten bij het bescheiden Petroleo de Colombia. Alvaro Mejia gaat de geschiedenis in als één van de beste renners die Colombia ooit gekend heeft.

Bronnen:


Jean Nelissen (1994), ‘Leven voorbij de pijngrens’. Uitgeverij WIN Publiciteit BV, Maastricht.

Uitslagen op http://www.memoire-du-cyclisme.net

Archieven Sportwereld (De Gentenaar), Tour 1993

Jan Boesman

Fotoalbum Álvaro Mejia

1989

1991

1994

1995


  Afbeelding toevoegen